Skip to main content

December 2025 en januari 2026, schaars qua visdagen, vangsten en zelfs aan genoten glaasjes whisky

| Bart Steenhuijsen | Blog

Rugklachten, veel afspraken, beslommeringen rondom een verhuizing inclusief koop en verkoop maakten dat er de afgelopen twee maanden weinig dagen beschikbaar waren om er op uit te gaan. En dan is het eigenlijk nog een meevaller dat het de afgelopen twee maanden toch meestal koud en guur weer was, vaak bevroren sloten, en ook soms ook nog eens een stevige oostenwind. Omstandigheden waaronder Hans en ik zeker de laatste jaren toch niet graag meer vissen. Ik weet het, we worden watjes. Het zou, in ieder geval voor ons, erger geweest zijn als in de afgelopen maanden er enerzijds bijna geen gelegenheid was om te vissen maar dat het wel prettige zachte wintermaanden zouden zijn geweest met een constant matig windje uit een westelijke richting.

Er is wel gevist maar dat beperkte zich tot de maand december en dan nog maar drie keer. Begin december hebben we in het zuidelijke deel van het kanaal Alkmaar Kolhorn gevist. We hadden een tip gekregen dat daar snoekbaars en baars te vangen zou zijn. De eerlijkheid gebiedt wel te zeggen dat de tip betrekking had op de late zomermaanden/vroege herfstmaanden en niet op december. Ik vermoed dat toen wij daar begin december visten de witvis en dus ook de roofvis meer de havens ingetrokken waren. Geen vis gevangen, wel was het water prettig helder. Volgend jaar toch maar wat eerder die stekken bezoeken.

Vervolgens heb ik nog even een paar vrije uurtjes benut om in de spoorsloot van de Huiswaard te vissen. Op zich zag het water er veelbelovend uit maar wat het vissen moeilijk, bijna onmogelijk maakte zijn de vele afgewaaide grote takken in het water. Dat is het gevolg van de najaarsstormen in de afgelopen jaren en de gemeente Alkmaar doet er helaas weinig aan deze te verwijderen. Het zal misschien goed zijn voor het insectenleven onderwater en mogelijk profiteert de snoek indirect ook, maar het vissen wordt wel erg lastig door het vele vastzitten. Zelfs als ik erin slaag om dan streamer en tak uit het water te krijgen is de stek dermate verstoord dat ik voortdurend grote stukken moet overslaan. Jammer. Na een uurtje gaf ik het vissen op, wel heb ik het moment benut om wat vleugel/staartmateriaal te testen, zowel voor grote als kleinere streamers. Hierover later meer.

Op 17 december hadden wij `s middags weer tijd. Deze keer gingen we naar een vertrouwde stek, het water in Broek op Langedijk. Hans zou zowaar deze keer ook met een streamer gaan vissen en wel met een streamer a la Lee Wulff. Echter voordat de streamers te water zouden worden gelaten trakteerde Hans mij op een broodje grillworst speciaal in het winkelcentrum de Broeker veiling. Terwijl wij dit (overigens prima) broodje op een bankje zittend consumeerden, keken wij nog even terug op onze visgeschiedenis met Ruard, inclusief de laatste jaren maar ook wat wij als nalatenschap van Ruard aan hengelsportmateriaal en boeken aantroffen. Bij ons beiden heeft dat toch wel duidelijk gemaakt dat we er goed aan zouden doen om nog eens kritisch te kijken naar wat wij (vooral ik) op dat gebied verzameld hebben in de loop der jaren. Als we nu nagaan naar wat we in de schuur en boekenkasten aan hengels en boeken hebben staan waar we al jaren niets meer mee doen en hoogstwaarschijnlijk ook niets meer mee gaan doen dan is opschonen wel op zijn plaats. Geeft ruimte in hengelrek en boekenkast en vermindert keuzestress, zeker wat betreft de hengel. Dat wordt dus een goed voornemen voor 2026.

Daarna gingen we vissen. Het viel op dat aan de westkant van Broek op Langedijk zowel links als rechts van de weg het water troebel was. Dus doorgereden naar de oostkant en daar was het water beduidend helderder. Al viel het wel weer op dat aan de linkerkant van de weg het water dan net weer iets minder helder was dan aan de rechterkant. Volgens een voorbijganger (ook een visser) had dat er mee te maken dat er westelijk in Langedijk meer gevaren werd?? Volgens sommigen is ook wat troebeler water nog geschikt om met de streamer te vissen, maar zeker omdat ik met relatief kleine streamers vis vertrouw ik daar niet op. Het werd inmiddels ook wel eens tijd om te gaan vissen en ik had al tamelijk snel een mooie snoek van ca 75 cm. Het leuke was ook dat ik de snoek zag komen, dat wil zeggen een boeggolf over twee meter richting mijn streamer en daarna een flinke ruk. De snoek gaf best nog wel wat strijd en, ondanks dat we dachten dat hij moe was, ging hij in het net ook nog tekeer. Zo erg zelfs dat hij zich helemaal vastdraaide waardoor het de nodige tijd kostte om de snoek los te krijgen en te onthaken. Ik had mijn toestel al klaar maar het bevrijden en onthaken had zo lang geduurd dat we er de voorkeur aan gaven de snoek snel terug te zetten, Snoekmans zwom gelukkig snel weer weg dus veel schade zal er niet opgelopen zijn.

Een meter of 10 verder had ik weer een snoek maar nu een ienie mienie van ca 40 cm. Dat was dus al mijn vierde van dat formaat dit seizoen. Daarna nog even verder gevist en in het laatste half uur had Hans nog een snoek van vergelijkbaar formaat als mijn eerste snoek op zijn experimentele Lee Wulffstreamer. Lee Wulff (1905 – 1991) was een vliegvisser die het experiment niet schuwde. Zo viste hij met 6 voet splitcane hengels # 5 op zalm, ving ze ook (en grote), om te demonstreren dat die lange zware zalmhengels lang niet altijd nodig waren. Om te bewijzen dat je ook met kleine haken grote zalmen kon vingen viste hij met een haak 12 en die dan weer met een nylon lus verbonden een grote vlieg (zonder haak) daarachter. Doordat je de streamer niet op een grote c.q. lange haak bindt is dan de luchtweerstand ook veel minder. Hans had dus een haakloze streamer achter een kale haak geplaatst (foto) en de snoek zat ook keurig gehaakt in de bovenkaak. En dat is ook weer een voordeel van deze constructie. Hierna vond Hans zijn middag wel geslaagd en ging hij thee drinken bij de auto, ik viste nog even door maar vond het na een kwartier ook wel tijd om de rituele “afterparty” borrel te gaan nuttigen.

Achteraf gezien was het jammer dat we voor deze bijdrage aan de Poldervliegsite geen foto`s van de snoeken gemaakt hadden maar de zoveelste foto van een snoek van deze doorsnee lengte in het gras heeft onderhand ook niet veel meerwaarde meer.

Daarna waren we weer langere tijd verhinderd, maar 30 december besloten we weer een middag te gaan vissen. We wisten al wel dat het moeilijk ging worden, er zou hier en daar vast nog wel ijs liggen, maar het werd moeilijker dan gedacht. Veel klein water lag dicht maar ook de Zuidervaart en Noordervaart lag op veel plekken nog ijs. Uiteindelijk kwamen we terecht op een stuk van de Huygendijk, zo in de buurt van café Het Hengelaartje. Op zich was het water goed van kleur maar we vingen niets, zelfs geen aanbeten. Tenminste totdat ik dacht, gezien de aanbeet en de weerstand, een snoekbaars gehaakt te hebben. Helaas, het duurde wel enige tijd voor ik de vis binnen had, het bleek echter een weliswaar grote, maar vals gehaakte brasem te zijn (jakkes!!!!) Nog een tijdje door gevist, het was wel behoorlijk koud maar ook wel lekker om even buiten te zijn. Desondanks vonden we tegen half vijf echt wel dat het glas single malt inmiddels verdiend was. En dat was dan meteen de laatste visdag in 2025 en ook van de afgelopen periode.

Bindpatronen

De periodes dat er niet gevist kon worden heb ik benut om wat te experimenteren met streamers, zowel wat het materiaal als patronen als bindtechnieken betrof. Eerst nog even voortbordurend op de flashy streamer (zie mijn bijdrage februari-maart 2025). Het materiaal wat ik daarvoor gebruikte was niet meer verkrijgbaar dus was het wel een uitdaging het geschikte flashy materiaal te vinden. Daarin ben ik maar gedeeltelijk geslaagd. Maar ook andere toepassingen (patronen) van het flashy materiaal ben ik gaan uitproberen. Daarna ben ik wat gaan improviseren op een patroon van Paul Blokdijk uit het boekje van de VNV Vliegen, Vissen en Kunstvliegen (de zandspiering), om tot een mooi slank streamertje te komen. Vanzelfsprekend was vervolgens het kleine streamertje van Martien, waarmee hij tijdens de koppelwedstrijd vorig jaar november een grote baars ving, een bron van inspiratie maar tegelijk ook aanleiding tot weer nieuwe patronen en ander materiaal. Natuurlijk is geen van de in de afgelopen periode ontstane bindpatronen revolutionair en zeker geen 100 % visvangers (zouden die bestaan? Hopelijk niet!!). Het gaat mij om functionaliteit dat wil zeggen actie in het water, prettig om te werpen aan een lichte hengel, zo min mogelijk last van vleugels en/of staarten die om de haakbocht slaan etc. Ik hoop nu maar dat de komende twee maanden nog genoeg goede visdagen geven om een en ander uit te testen en misschien nog wat verder te experimenteren. Zodra het streamerseizoen 1 april over is schrijf ik over de bevindingen wel een stukje voor de site zodat de leden van de Poldervlieg inspiratie hebben om hun dozen met streamers voor de laatste zaterdag in mei weer aan te vullen.

Net

Vorig jaar zijn we beiden voor het `s winters snoekvissen overgestapt op een iets groter net met rubber mazen. Voor de slijmlaag van de snoek prettiger en het net is ook makkelijker schoon te houden. Bovendien hebben we ook geen last meer van het haken van de streamer in het net. Aanrader dus en er is genoeg keuze op internet.

A002

Hengels en vliegvisboeken

Ik doe eigenlijk nooit aan goede voornemens maar deze keer heb ik met het opschonen van de collectie hengels in januari wel een begin gemaakt. Een aantal vliegenhengels zijn gereserveerd voor de komende Nieuwjaarsveilingen maar ook gingen eind januari enkele vliegenhengels met nog wat spinhengels en molens naar Bert Schouten. Als tegenprestatie vroeg ik hem om het handvat en de slangenogen van twee strakkere vliegenhengels van 7 voet, #4, te vervangen zodat er zowel met een vliegvisreel als met een molentje met dyneema mee gevist kan worden, vliegenhengel en ultralichte spinhengel in een dus. Vroeger met nylon kon dit niet, met het rekloze dyneema is dat wel een optie, mits de vliegenhengel ook redelijk strak is. Hij heeft al eerder laten zien dit perfect te kunnen doen op het moment dat ik een groot deel van mijn ultralichte spinhengels inruilde voor een soortgelijke verbouwing van een vliegenhengel (zie ook verslag Weinig visuren oktober en november 2025). Ik heb twee kinderen (nou ja kinderen, allebei 40 +) die beide met de vliegenhengel en de spinhengel vissen. De een de laatste tijd weer regelmatig, de ander (met twee pubers!!) juist nu even niet. Ik vind het wel een mooi idee het opschonen van het hengelbestand te gebruiken om ze allebei een combi vlieg - ultralichte spinhengel te geven.

Met het downsizen van mijn drie boekenkasten met vliegvisboeken ga ik eind dit jaar, begin komend jaar, beginnen. Het zullen dan met name de boeken over bindtechnieken, bindpatronen en vliegvistechnieken zijn die het veld moeten ruimen. De laatste jaren lees ik ook eigenlijk alleen nog maar de meer verhalende vliegvisboeken.

Whisky

Hans en ik kwamen de afgelopen periode maar weinig toe aan het afsluitingsritueel van de visdag, maar helemaal zonder een glas single malt zijn de maanden december en januari ook niet verlopen. En deze keer geen Schotse of Ierse single malt maar een uit Wales, de Penderyn Madeira Single malt 40 % (geen jaren aangegeven). De whisky is zacht en een beetje zoetig maar heeft ook wel genoeg pit. Zelfs iets van cognac zit nog in de smaak. De fles is nog niet leeg, maar daar zorg ik wel voor in februari. Hans mag dan na afloop van de eerste visdag in februari weer een nieuwe single malt uitzoeken.

A004

In een eerdere bijdrage schreef ik al iets over Ierse single malts, en dat je ze in verhouding veel minder vindt bij de slijter dan de Schotse. Toevallig kwam ik toch een voor mij onbekende Ierse single malt tegen namelijk de Sexton. Hij stond al langer in het schap van mijn slijter maar door de afwijkende vorm van de fles (niet whiskey like) en zijn plaats op de plank was hij mij niet eerder opgevallen. Het is een typisch Ierse whiskey, erg smakelijk met zelfs, net als de Penderyn, een wat “cognac”achtige nasmaak. Voordeel van zo`n stevige smaak is ook dat je er flink wat water bij kan doen en dan nog een pittig drankje overhoudt. Wat dat betreft drink ik whisky enigszins als Winston Churchill. Het verhaal gaat dat hij altijd een fles whisky in zijn bureau had en de hele dag glazen water dronk met steeds een miniem bodempje whisky erin. Uiteindelijk was hij een van de winnaars van WO II dus veel kwaad kan het blijkbaar ook niet. De Sexton is dus een blijvertje in mijn whisk(e)y kast.

P.S

Voor de duidelijkheid en voordat een Poldervlieglid de AA inschakelt, bovenstaande vergelijking heeft voornamelijk betrekking op hoe ik mijn whisk(e)y drink, niet op de hoeveelheid. Naarmate de jaren toenemen, neemt de consumptie af.

A003

Lid worden?

 Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.