Bespiegelingen over streamers binden: het begin van de cirkel is gelijk aan het eind van de cirkel of toch niet helemaal?
Het was in ieder geval niet mijn intentie om met allemaal nieuwe patronen te komen, wel met een soort van verkenning van een aantal materialen die gebruikt kunnen worden voor de staart en/of vleugel van streamers. Ik bind zelf bijna altijd streamers met minimaal een lange staart, soms ook nog vlak achter de kop een iets kortere vleugel en die basis heb ik ook grotendeels aangehouden.
De afgelopen maanden tot 1 april heb ik op de dagen dat er niet gevist kon worden (wind, troebel water, weinig tijd etc.) benut om te experimenteren met de toepassing van materiaal als flashabou, angel hair, craftfur en marabou op verschillende maten en types streamer. Ik heb mij daarbij het meest gericht op het binden van de kleinere baarsstreamers die ook nog makkelijk te werpen zijn op een #4 zelfs een # 3 hengel. Zonkerstrips heb ik niet getest als staart/vleugelmateriaal omdat die bij het nat worden van de skin van de zonkerstrip al snel te belastend zijn voor een lichte hengel. Misschien pietluttig maar het gaat mij dus naast actie van het materiaal ook om het zo makkelijk mogelijk werpen van de streamer aan een lichte en soms zachte hengel. En waar het gaat om pietluttig, dat zal voor meer beoordelingen gaan in deze bijdrage, dat hoort nu eenmaal een beetje bij vliegbinden. Bovendien zijn er goede alternatieven voor zonkerstrips. Voor streamers groter dan 8 cm gebruik ik wel een heel enkele keer zonkerstrips maar die vis ik ook aan een pittiger # 4 hengel.
Bij het experimenteren met staart/vleugelmateriaal introduceer ik verder dus ook geen heel nieuwe patronen. Het zijn voornamelijk patronen die ik zelf al langer gebruik maar ik heb wel af en toe gespiekt bij andere binders. Zoals de zandspiering uit het boekje van de VNV getiteld “Vliegen, Vissen en Kunstvliegen” (blz 112) om tot een mooi slank streamertje te komen. Natuurlijk was ook de streamer van Martien, waarmee hij tijdens de koppelwedstrijd vorig jaar november een grote baars ving, een bron van inspiratie. Zelfs heb ik ook nog met een bindpatroon geëxperimenteerd, de Thunder Creek, een streamer die ik eigenlijk nooit gebruik omdat ik in dat patroon geen vertrouwen heb. Of dat terecht was of is??
Nu is het natuurlijk altijd de vraag of wat wij aantrekkelijk vinden voor roofvis, door roofvis ook zo beoordeeld wordt. Helaas zullen wij dat nooit zeker weten. Maar dat daargelaten, wat zijn nu mijn eisen aan c.q. kenmerken van een goede baarsstreamer.
- Lengte totale streamer minimaal 4 cm maximaal 7 cm. Lengte staart c.q. vleugel is 2 – tot 3 x haaksteellengte. Meest gebruikte haak Gamakatsu F314/ 8 - 6, F31/ 4 of gelijkwaardig. Voor snoekstreamers ga ik uit van maximaal 10 cm lengte en Gamakatsu F 314 6 – 4. Voor lengte staart zie boven.
- Beweeglijke staart c.q. vleugel. Daarom ook geen bucktail, pas bij een lengte van 15 cm of meer heeft het de soepelheid die ik wens en dat geldt voor veel natuurlijke haarsoorten.
- Dikke kop met een verhoudingsgewijs groot (plak) oog. Het was o.a. Paul Blokdijk, een bekende Nederlandse vliegvisser, die het belang van een dikke kop aangaf vanwege de trillingen die dat onder water afgeeft. Voor mij is een dikke kop van de streamer ook om een andere reden van belang, ik moet immers ook wel wat oppervlakte hebben om het grote oog op vast te plakken. En een groot oog schijnt ook aantrekkelijk te werken.
- Verhoudingsgewijs t.o.v. de streamer een grote haak. Dit laatste vooral om het onthaken eenvoudiger te maken maar ook om enigszins te voorkomen dat vooral kleine baarsjes de streamer te diep nemen. Het is verbazingwekkend hoe baarsjes van een cm of 15 er in slagen een streamer van 6 cm volledig naar binnen te werken. Het proberen te voorkomen van diep haken van de vis haken is voor mij een reden om streamers met lange staarten en kortstelige haken als de F314 en F 31 te gebruiken.
- Altijd iets van rood in de streamer en wat glittermateriaal.
- De streamer moet zich heel makkelijk laten werpen, niet bonken op de hengel, het moet geen werken worden!!!!!! Je bent pensionado of je bent het niet.
Maar eerst nog even een kanttekening. Door het afwijzen van bucktail als vleugelmateriaal, de voorkeur voor een kortstelige haak en het belang van een dikke kop sluit ik dus eigenlijk al meteen een beroemd patroon uit, nl de Thunder Creek, een slanke visimitatie, vaak niet groter dan 8 cm, op basis van bucktail en ontworpen in de V.S. door Keith Fulsher. Bij de Thunder Creek is ook sprake van een even lange boven en onder vleugel en een minimale epoxy kop die tezamen het profiel van het visje bepalen, in het patroon is dus geen staart opgenomen. Ik vind het net een stijf stokje als je naar de actie in het water kijkt en dat geeft mij niet veel vertrouwen. Toch zijn er veel vliegvisser in het buitenland maar ook in Nederland die juist wel veel vertrouwen hebben in dit patroon, zowel op stromend als op stilstaand water (bv Oostvoornse meer). Sterker nog, in 2024 hadden Hans Kluken en ik Bert Schouten in de boot voor een dagje vissen op het Alkmaardermeer. Hij had het grootste deel van de dag klassieke Thunder Creeks (met bucktail) aan de leader en hij ving behoorlijk veel baars, meer dan Hans en ik. Die keer weliswaar geen grote baars, maar die had niemand van ons die dag. Dus ja, misschien is mijn oordeel over de Thunder Creek toch te scharen onder het begrip “belemmerende overtuiging”. De andere kant van de zaak is namelijk ook dat als je ziet hoe jonge vis zich beweegt, dat helemaal niet met een beweeglijk achterlijf is. Sterker nog, “als een stijf stokje” past beter bij hun motoriek. In dat opzicht is dus de Thunder Creek een betere imitatie dan de streamers met de “slingerstaart” zeg maar “ twister” actie die ik prefereer. Dat zijn eigenlijk attractors. Daarentegen heeft een Thunder Creek wel een tamelijk klein oog en daarentegen kleine vis juist verhoudingsgewijs een groot oog dat ook als attractor schijnt te werken. Al met al heb ik daarom toch aan het eind van dit stuk ook de Thunder Creek meegenomen in mijn experimenten met staart en vleugelmateriaal maar ik kon het niet nalaten het kopje in een variatie toch wat dikker te maken om het grote oog te kunnen plaatsen. Overigens ben ik niet de eerste of enige vliegbinder die aan dit patroon heeft zitten sleutelen.
Maar nu terug naar het materiaal. Eigenlijk ontstond dit stuk naar aanleiding van mijn resultaat met de flashy snoekstreamer, een patroon afgekeken van een Oostvoornse Meer forelstreamertje bedacht door ene “Flashy Jack” waarvan de staart uit flashabou was opgebouwd. Het was wel een uitdaging de geschikte kwaliteit flashabou te vinden. Daarin ben ik maar gedeeltelijk geslaagd. Aansluitend leek het mij vervolgens ook een goed idee om naast flashabou- achtige producten ook eens angelhair, craftfur en marabou als staart en vleugelmateriaal te gaan testen en dan zoals hierboven al beschreven op diverse patronen en lengte van streamers. Ik ga ervan uit dat materiaal als craftfur(imitatie bont) en marabou wel bekend is, angel hair is een vorm van heel langdradige dubbing.
Flashabou
Om te beginnen met de flashabou achtige producten, het was dus wel zoeken naar de juiste kwaliteit flashabou d.w.z. heel smalle maar ook soepele reepjes kunststof. Het materiaal wat ik voor deze snoekstreamers gebruikte, Maraglit van Lureflash, heb ik misschien wel 25 jaar geleden nog bij Chris Sijm (voor de ouderen onder ons een bekende naam) gekocht en is niet meer onder die naam verkrijgbaar. Fly Supply biedt wel de nodige alternatieven maar je kan niet goed op de informatie van de site afgaan. B.v. zelfs binnen een merk als Hedron Flashabou Original is het materiaal bij de ene kleur(Rainbow) wel soepel en geschikt voor de snoekstreamers, maar bij een andere kleur (Pearl) zijn de reepjes breder en ook beduidend minder soepel. Het is eigenlijk beter geschikt om als tinsel te gebruiken. Daarentegen van het merk Twist Flash (ook Fly Supply) heb ik de kleur Golden Peacock aangeschaft en die voldoet dan wel weer aan de eisen d.w.z. smal en soepel. Tot 2025 toe gebruikte ik voornamelijk de gold/pearl/peacock varianten voor mijn snoekstreamers maar in het seizoen 25/26 ben ik verder gegaan met uitproberen, zowel merken als kleuren. Of het ook voor baarsstreamers goed zou werken was daarnaast ook nog iets om uit te vinden. Mijn baarsstreamers zijn gemiddeld zo`n 5 – 6 cm, kleiner dus dan de snoekstreamers van 9 - 10 cm en als je voornoemd materiaal zou gebruiken voor korte staarten kon dat nog wel eens ten koste gaan van de actie. Ik ben dat dan ook afgelopen seizoen in de praktijk gaan testen en helaas is voor flashabou die wel goed werkt op de grotere snoekstreamers toch wel een streamer lengte van minstens 8 cm nodig om genoeg beweeglijkheid te krijgen in de staart. Zoals al eerder aangegeven, ik hecht hier veel waarde aan. Dus voor kleinere streamers waren bovenstaande merken niet geschikt, althans niet wat de beweeglijkheid in de actie betreft.
Overigens bind ik flashabou niet in als een bosje bovenop de haaksteel, dat gaat teveel ten koste van de actie. Ik maak een streng van ongeveer 15 reepjes en 5 x lengte van de haaksteel. Ik bind die streng in op ruim 3 x de haaksteellengte met enkele losse slagen achter het haakoog. Vervolgens draai ik de streng met duim en wijsvinger net zolang totdat de streng rond de haaksteel gaat liggen en zet nu de streng goed vast, desnoods met een drup secondelijm. Daarna vouw ik het resterend deel weer terug over de haaksteel zodat er een soort van hackle ontstaat. Ook even vastzetten met secondelijm en daarna naar eigen inzicht de streamer afbouwen met kop, ogen en eventueel nog een paar draadjes angelhair toevoegen.
Angel hair
Vervolgens ben ik verder gegaan met angelhair, niet met het inzetten van enkele draadjes op het basismateriaal, maar strengetjes van 15 - 25 draadjes angelhair als staart/ vleugelmateriaal in de veronderstelling dat dit in het water wel de nodige actie zou geven. Niet dus, zo soepel als enkele draadjes zich mengen met craftfur en marabou, de draadjes in het strengetje werden daarentegen tezamen tot een soort touwtje en de beweeglijkheid was minimaal, zeker bij het formaat baarsstreamer en helemaal bij de grotere snoekstreamers. Bovendien was het ook materiaal waarin snoektandjes zich makkelijk kunnen vastzetten waardoor de haak mogelijk geen gelegenheid zou krijgen zich vast te zetten. Dus sowieso was het materiaal al niet geschikt voor staart en/of vleugelmateriaal voor snoekstreamers. Wel voeg ik altijd wel enkele draadjes toe aan de staart en vleugels van streamers, bij marabou, craftfur maar ook bij flashabou streamers voor wat extra glitter. Of de vis er veel om geeft weet ik niet maar ikzelf vind het wel attractief
Nog wel een opmerking als het gaat om bovenstaande materialen, in de praktijk blijkt dat de termen Flashabou maar ook Angelhair wel erg breed ingezet worden, ook soms bij materiaal wat helemaal niet lijkt op deze materialen. Dat kan ook wel eens tot positieve verrassingen leiden, ik kom hier verder in deze bijdrage op terug. Maar het betekent wel dat je voor zekerheid of zelf in de winkel het materiaal in handen moet nemen of bestellen maar eerst bij een andere vliegbinder in zijn collectie kunststof materiaal moet kijken. Ik zal in deze bijdrage wel namen van merken noemen maar ik kan ook niet garanderen dat ze in de handel blijven of dat de kwaliteit hetzelfde blijft.
Craftfur
Gelukkig speelt dit probleem bij craftfur niet, er is wel sprake van kleine kwaliteitsverschillen (bv hoeveelheid “fluf” onderin de haren) maar die vind je ook wel terug in de prijs. Die verschillen hebben echter geen invloed op de beweeglijkheid van het materiaal. Alhoewel niet in zoveel kleuren als bovengenoemde materialen is ook craftfur in veel kleuren te koop, zelfs barred (met dwarsstrepen). Ook in veel lengtes variërend van 7 cm tot ruim 20 cm. Voor mijn kleinere streamers kocht ik heel lang de kortste maat van 7 cm maar het werkt veel plezieriger om met wat langere haren te werken zo rond de 10 cm. Je gebruikt dan wel niet alle haren maar het bindt veel makkelijker in. Anders zit je heel vaak te pielen om de gewenste lengte staart van het matje af te knippen. Daarnaast gebruik ik van craftfur de kleur fel rood of oranje om korte “onderstaarten” te maken. Die bind ik als eerste in en laat ze ongeveer 1 ½ cm achter de haakbocht uitsteken, net als het rode staartje bij de Red Tag nimf maar dan dus beduidend groter. Dat ondersteunt de staart als die van zachter materiaal (marabou bv) gemaakt is en voorkomt daarmee het om de haakbocht slaan. Bovendien wil ik altijd rood in mijn streamer verwerkt hebben. Craftfur vind ik heel plezierig om mee te werken, het houdt ook bijna geen water vast (blijft dus licht), geen verwarring bij bestellen op internet en ook redelijk goedkoop. En craftfur kan je ook als hackle inbinden. Een toefje met een paar losse slagen op de haaksteel vastzetten met de punten naar voren, dus over of richting het haakoog. Lengte van de punten naar keuze net zolang als je de lengte van de hackle wil. Met duim en wijsvinger strengetje inclusief punten om de haaksteel draaien, daarna goed vastzetten, punten naar achter duwen, bindgaren door de haren naar voren brengen en met enkele wikkelingen fixeren. Dat kan je doen vlak achter het haakoog, maar natuurlijk kan je ook meerdere hackles op de haaksteel inbinden.
Bij de kleinere streamers maak ik ook wel eens gebruik van marabou en omdat een hele goede streamer, de Soft Hackle Streamer van Jack Gartside, ook op marabou gebaseerd is ben ik de kwaliteiten van dat klassieke materiaal verder gaan onderzoeken.
Marabou
De afgelopen jaren gebruikte ik altijd craftfur bij mijn streamers, zowel de kleinere met een totale lengte vanaf 4 cm als de grotere tot 10 cm. Mijn vismaat Hans was meer een liefhebber van marabou en daarmee ben ik nu ook de afgelopen periode gaan experimenteren om te onderzoeken wat de verschillen zijn, hoe groot die zijn en wat nu precies de meerwaarde van marabou t.o.v. craftfur is.
Hierbij werd wel snel duidelijk dat marabou wat beweeglijkheid betreft het wint van craft fur, zeker bij streamers kleiner dan 5 cm, dus met een staart van ongeveer 3 cm. Als je craftfur dan dezelfde beweeglijkheid wilt geven moet je daarvan in vergelijking met marabou wel een heel dun toefje inbinden en dat is ook niet meer attractief. Van marabou kan je dan nog wel een volle staart inbinden. Dit, een grotere beweeglijkheid, gaat natuurlijk ook op voor grotere streamers van 8 a 10 cm maar dat zijn meer mijn snoekstreamers. Dan vind ik marabou wel kwetsbaar gezien de vele tandjes van een snoek en daarbij het risico dat de marabou blijft hangen in de tandjes en daardoor het zetten van de haak bemoeilijkt. Bovendien is op die lengte, dus met een staart langer dan 6 cm, het verschil in beweeglijkheid tussen marabou en craftfur al snel minder. Maar als je gericht op baars vist met een techniek en in water met een geringe kans op snoek kan zo`n streamer met een staart en/of vleugel van marabou natuurlijk prima gebruikt worden, het is fijn materiaal om mee te werken.
Nog wel een tip, de beweeglijkheid van marabou heeft wel het nadeel dat de staart makkelijk om de haakbocht slaat. Een “onderstaartje” van craftfur voorkomt dat al grotendeels, je binddraad een aantal keer achter en om de aanhechting van de staart voeren helpt ook om de staart te borgen (zie foto).
Toch ook nog even wat informatie over de verschillende kwaliteiten marabou. De meeste vliegbinders zijn natuurlijk wel bekend met het materiaal marabou, maar voor de beginnende vliegbinders nog even het volgende. In vergelijking met craftfur komt marabou wel in verschillende vormen en kwaliteiten. Je hebt de losse marabouveren in een zakje (vaak ook verkrijgbaar in tuincentra of handenarbeidzaken). Bijna alle vliegvissers hebben dit vroeger wel aangeschaft, immers het was goedkoop. Maar het is bijna altijd rotzooi. Goedkoop is ook nu duurkoop. Veel marabou wordt in hengelsportzaken als “marabou strung” aangeboden d.w.z. een bosje marabouveren wat aan de onderkant aan elkaar is genaaid. Dat is meestal een veel betere kwaliteit maar je kan er wel alleen maar langere en dikke staarten en vleugels van ongeveer 6 tot 8 cm van maken en dan heb je het alweer gauw over snoekstreamers, i.i.g. flinke baarsstreamers. Zelf gebruik ik alleen blood marabou veren, bijna altijd worden die behalve als bloodmarabou ook als strung aangeboden.
Blood marabou veren kenmerken zich door een dunne stam in het bovenste deel maar waar op ongeveer de helft van de veer de stam zich opeens verdikt (foto). Als je op dat punt de veer doormidden knipt heb je een punt die je prima als hackle kan gebruiken.
Het onderste deel met een dikke stam kan je uitstekend gebruiken voor de kortere staarten en vleugels tot 5 cm. Dit doe je door stukjes van 1 tot hooguit 2 cm van de stam af te knippen (natuurlijk met behoud van de fibers). Dit met enkele slagen maar niet te strak inbinden in de haakbocht en het stukje stam vervolgens richting haakoog trekken tot de gewenste lengte staart of vleugel bereikt is. Daarna vastzetten en overtollig stukje marabou + stam afknippen. En als je een aantal stukjes veer achter elkaar inbindt kan je zelfs een soort matuka marabou streamer creëren.
Let wel op, bijna alle blood marabou wordt weliswaar als strung aangeboden maar zelden is marabou die alleen als strung aangeboden wordt, ook blood marabou. En ook hier geldt, goedkoop is duurkoop. Dit is geen materiaal wat je bij sites die bekend zijn om de lage prijzen moet aanschaffen.
En mocht je nog van die goedkope marabou, los in een zakje, ergens in een laatje hebben liggen. Gooi het niet weg. Je kan er prima nimfen, zelfs behoorlijk grote nimfen van maken vooral omdat de fibers vaak wel lang zijn. Haak in de vice, weerhaak plat maken en eventueel looddraad aanbrengen. Toefje fibers van de marabouveer afknippen. Met de puntjes (zo lang als je het staartje wilt hebben) naar achter wijzend het toefje bij de haakbocht inbinden. Ribbing aanbrengen. Binddraad naar voren brengen. Vervolgens toefje fibers in elkaar draaien en om de haaksteel wikkelen. Als het strengetje dan te kort is nieuw bosje fibers opzetten. Fibers afbinden. Ribbing naar voren brengen en afbinden. Eventueel kopje van pauwenfiber, chenille, dubbing en of goudkraal toevoegen. Maraboulijfje even voorzichtig opruwen met een dubbingbrush. Klaar!! Makkelijk tien in een uur!! Topnimf!! Zo`n nimf kan je natuurlijk ook binden met de duurdere en betere marabou veren maar dat is zonde, die kan je beter apart houden voor mooie staarten en vleugels van streamers.
Toch resumerend, marabou als materiaal voor staart of vleugel is wat beweeglijker dan craftfur maar bij een staartlengte van meer dan 6 cm is het verschil niet groot meer. Van marabou kan je echter wel met behoud van actie meer materiaal gebruiken dus wat meer volume. Bovendien is marabou ook makkelijker te doseren zowel qua lengte als dikte van de toef die je wilt inbinden. Dit door een groter of kleiner stuk van de stam af te knippen.
Tenslotte, net als bij craftfur kan je ook marabou barred kopen. Ik vind de kwaliteit van de veren vaak echter minimaal. Als ik strepen wil aanbrengen doe ik dat met een watervast viltstift rechtstreeks op de fibers nadat ik de streamer gebonden heb. En eigenlijk doe ik dat ook zo met craftfur.
En wat voor streamers heb ik er nu mee gebonden??
Ik heb eerst nog even geëxperimenteerd met een marabou streamer met staart maar zonder (boven) en met hackle (onder), zie hiervoor de foto hierboven. Het streamertje met hackle van marabou is een variatie op de Soft Hackle Streamer van Jack Gartside. Het grote verschil is dat de Soft Hackle Streamer geen kop van chenille heeft, daar wordt een zachte hennehackle voorop ingebonden. De staart is gemaakt door een toefje van 1 ½ cm stam in te binden en richting haakoog trekken tot een lengte van bijna 2 ½ x de haaksteel bereikt is, bij de onderste vlieg heb ik op dezelfde manier de staart ingebonden maar daarna de punt van de veer als hackle vlak achter de kop ingebonden. Alleen de staart is al heel beweeglijk, de hackle erbij laat de streamer ook nog iets meer pulseren bij het binnen vissen. Een rood onderstaartje heb ik weggelaten, het streamertje heeft al een rode kop, wel is het maraboustaartje geborgd.
De zandspiering uit het eerdergenoemde VNV boekje (foto boven, linksonder) vond ik toch wel erg weinig actie hebben, de staart en rug bestonden uit teveel toefjes en ik ben ook geen liefhebber van epoxykopjes in de streamers. Te hard en de streamer gaat daardoor ook sneller zinken. Ik laat de zinksnelheid in principe liever bepalen door de zinksnelheid van de lijn die ik gebruik. Ik heb vervolgens een variatie gemaakt met maar een enkel dun toefje craftfur (marabou zou ook kunnen) als staart, met bovenop een paar fibers angelhair. Voor de kop heb ik pearl mini cactuschenille genomen en met een viltstift vervolgens de bovenkop van de staart en het kop olive gekleurd. Keerzijde is wel dat toen ik klaar was met aanpassen het verschil met sommige andere streamers van mij minimaal was. Overigens is het desbetreffende boekje wel een aanrader.
Vervolgens het streamertje van Martien. Ik heb aan het profiel niets veranderd, wel wat lichtere oogjes i.p.v. tungsten, een kleinere haak (F314 - 8) en craftfur gebruikt voor de staart en de vleugel. Volgens mij had, zo te zien op de foto, Martien hiervoor natuurlijk haar gebruikt (foto boven, links midden). Later ook nog met marabou in plaats van craftfur de streamer gebonden en dat geeft zoals te verwachten nog iets meer actie, maar het goed borgen van staart en vleugel is dan wel van belang. Het slanke profiel van zandspiering en de vlieg van Martien inspireerde mij nog wel om een streamer te maken met gebruik van een echt minimaal stukje stam (1/2 cm) maar wel weer met een dikke kop (daar kan ik eigenlijk ook niet zonder). Omdat het eigenlijk maar een heel dun staartje is heb ik deze niet alleen geborgd maar ook van een onderstaart voorzien (foto boven, linksboven). Of het altijd goed werkt weet ik niet maar de actie van het staartje bij het vanuit stilstand weer in beweging komen is wel erg attractief.
In ieder geval vond ik het patroon van de streamer van Martien meer een aanvulling voor mijn assortiment streamers dan de zandspiering uit het VNV boekje. Ik heb ze ook al in verschillende kleurcombinaties gebonden.
Ik kom nog terug op de Thunder Creek bij de hierna volgende “nabranders”.
Nabranders
Nog “enkele” nabranders. Ja, ja, ik heb vroeger ook Spaanse les gehad. En de zomer is in aantocht dus Spaans past wel.
Uno
Voor het onderdeel over flashabou en angelhair ben ik eerst mijn bindmaterialen kast ingedoken. Daarin heb ik twee smalle laden met respectievelijk licht en donker angel hair en nog een smalle lade met staartmateriaal, voornamelijk flashabou achtig materiaal. Ik zeg flashabou achtig omdat in tegenstelling tot angelhair, dit materiaal onder veel verschillende namen en gradaties van soepelheid verkocht wordt. De eisen die ik aan flashabou stel voor gebruik in streamers is dat het maximaal 2 mm breed en absoluut niet stug is. Wil je het zeker weten dan moet je, zoals gezegd, het materiaal of eerst in de winkel bekijken of eerst bij een andere binder afkijken en merk en kleur noteren.
Bij angelhair is de kwaliteit van materiaal wat onder de naam angelhair verkocht wordt bijna altijd precies zoals door mij hierboven bij angelhair beschreven is. Je kan dus meestal wel veilig op de naam afgaan. Maar …..mijn laden zitten regelmatig overvol waardoor zakjes met materiaal bij het open en sluiten nog wel eens in de laden daaronder vallen. Bij het verzamelen van al het materiaal voor dit stuk keek ik zekerheidshalve ook nog naar de laden daaronder en tot mijn stomme verbazing kwam ik twee kleuren van een flashabou achtig materiaal tegen, platte fibers, ongeveer 1 mm breed en heel soepel. Zo fijn dat het ook voor kleinere baarsstreamers geschikt was en nota bene onder de naam?? Angelhair!!! Het gaat hier om Saltwater blend angel hair, de kleuren Golden olive en Multicolor van het merk Sybai.
Het voorbehoud van het noemen van merken is nogmaals wel dat het altijd de vraag is hoelang producten leverbaar zijn.
Dos
Nu nog even over de Thunder Creek. Ik heb mijn twijfels al geuit over het patroon maar aan de andere kant, over de vangkracht, hoor ik juist positieve geluiden, het slanke profiel heeft ook wel wat en op zich is de vlieg als imitatie van een visje realistischer dan de “slingerstaarten” die ik bij voorkeur inzet. Dus ook aan dat patroon heb ik gesleuteld met de inzet van andere materialen want bucktail vond ik toch nog steeds wel erg stijf. De langstelige haak heb ik wel aangehouden. De bindwijze van materiaal heb ik amper veranderd ( is overal op internet terug te vinden) Van het kunststofmateriaal wat ik in plaats van bucktail gebruikt heb, werden de beste resultaten geboekt met Crimpy Flash Van Flies & More maar ook de al eerder genoemde Twist Flash Hair in de kleur Golden Peacock voor de boven en ondervleugel. 12 - 15 draadjes per vleugel volstaat (foto boven, rechtsboven). Op een lengte van 6 – 8 cm is het materiaal iets soepeler dan bucktail zonder dat het patroon nu echt een heel andere actie krijgt. Voordeel is wel dat het materiaal eenvoudig op lengte te krijgen (knippen) is, dat ook het met epoxy bewerken van het kopje makkelijker gaat en last but not least is bovenstaand materiaal in ongelooflijk veel kleuren beschikbaar. Nadeel vind ik wel dat bucktail toch nog iets van verloop heeft naar de punten, dat materiaal niet. Of dat scheelt??
Ik was toch benieuwd hoe het zou werken als ik de onder en bovenvleugel van marabou zou maken. Ook in dit geval heb ik gewerkt met voor zowel boven als onder 1 cm stam van de marabouveer en wat draadjes angelhair. Zoals te verwachten was, was er nu meer actie dan met bucktail of eerder genoemde kunsstofmateriaal alhoewel de lange haaksteel wel de beweeglijkheid behoorlijk afremde (foto boven, rechtsmidden) De behandeling van het kopje met epoxy is wel wat lastiger door de fibers van de marabou.
En tenslotte, het moest ervan komen, ook nog een variant met marabou vleugels en een dik kopje + groot oog (foto boven, rechtsonder). Vanzelfsprekend is hierbij niet de boven en ondervleugel teruggeslagen om het kopje te vormen daarvoor is de minichenille gebruikt. Beide toefjes marabou zijn gewoon rechtstreeks op de haaksteel ingebonden voordat het chenille ingebonden werd.
Ik heb verder niet met craftfur geëxperimenteerd, daarvan hebben de toefjes namelijk bij de klassieke bindtechniek de neiging uit elkaar te gaan staan als je ze na het terugslaan om de kop te vormen vastzet waardoor het profiel van een Thunder Creek er niet goed uitkomt. Een oplossing zou nog kunnen zijn om ze over een langer gedeelte met binddraad vast te zetten of bovenstaande variatie toe te passen, d.w.z. rechtstreeks op de haaksteel en de kop maken van chenille, eventueel dan een dunnere soort chenille. Ik ben daar niet meer aan toe gekomen voor 1 april, dus testen kon niet meer ivm het 2,5 cm gebod. Ook strengetjes(dus niet enkele draadjes) angel hair voor de boven en ondervleugel zou misschien voor een statische Thunder Creek een optie zijn gezien mijn eerdere opmerking eerder in deze bijdrage over het gebrek aan beweeglijkheid. Maar net als bij craftfur, ik ben er niet meer aan toe gekomen. Ook daarvoor was 1 april de deadline. Het nadeel van blijven haken in snoektandjes speelt in dit geval bijna niet, dit zijn typisch streamers om in kleine maatjes (tot 6 - 7 cm) te binden en er gericht mee op baars te vissen. Er is dus nog werk voor mij.
Ik heb ook niet geprobeerd om mijn favoriete kortstelige haken (F314) in te zetten. Ondanks mijn bezwaar tegen een langstelige haak, namelijk diep haken, voor het correcte profiel is mijn inziens toch een langstelige haak onmisbaar ook als ik een dik kopje van chenille zou willen inbinden. Ik heb ook geen gebruik gemaakt van een onderstaartje om de bovenvleugel te ondersteunen. Ik vond dat niet passend bij het profiel en ik heb het idee dat zowel de combinatie van boven en ondervleugel als de lange haaksteel al voldoende het om de haakbocht heenslaan van het vleugelmateriaal voorkomt. Het rood in de Thunder Creek streamer heb ik nu bereikt door achter het kopje wat rode micro chenille of rood bindgaren in te binden. De originele haken zijn ongeveer 4 x lang, ze zijn nog wel te koop maar ik maak zelf gebruik van de F 36/6.
In welke variatie ik de Thunder Creek ga inzetten weet ik nog niet. Misschien kies ik er wel voor om toch maar de oorspronkelijke versie met bucktail een plaats te geven in mijn doosje met baarsstreamers al was het maar voor de broodnodige variatie tussen al die “slingerstaarten” van mijn hand.
Ik was in de afgelopen periode, behalve met het uitwerken van dit artikel en het testen van de diverse eindresultaten, ook nog bezig met het aanvullen van mijn streamerdozen voor het komend Alkmaardermeer seizoen en daarnaast nog wat klein nimfen en natte vliegen voor april en mei. Om naast binden en af en toe vissen ook nog wat over vliegvissen te lezen ben ik maar eens begonnen met al mijn exemplaren van de Nederlandse Vliegvisser weer eens door te lezen. Aangezien ik ze allemaal heb van nr. 1 tot en met nr. 156 ben ik daar ook wel even zoet mee. Maar je komt dan ook nog wel het een en ander tegen. In nr. 36 uit 1996 een patroon Thunder Creek in een nieuwe stijl met grizzle hanehackles in plaats van bucktail door vliegvissers die daarmee in het Oostvoornsemeer veel succes hadden. In nr. 42 een bijdrage van Hans de Groot die aangaf het juist een prima streamertje te vinden voor baars in de polder. Daar werd voor het bindpatroon weer de klassieke versie met bucktail gebruikt. Er zijn dus (betere???) vliegvissers die wel veel vertrouwen hebben in de Thunder Creek en wie ben ik dan????
Tres
In nr. 36 kwam ik ook nog een artikel tegen over het vissen op snoek in de Botnische Golf met daarbij een foto van de streamers die daarvoor gebruikt werden. Tot mijn verbazing leken ze qua constructie wel op de befaamde Klukenstreamer, alleen met een langstelige haak ongeveer 6/0, een staart van ca 20 -25 cm flashabou in de haakbocht ingebonden met daarvoor nog een dikke hackle. Dat laatste waarschijnlijk om het om de haakbocht slaan van de lange staart tegen te houden. De kleur van de flashabou was zilver/blauw en diende om de haring die daar een geliefde prooivis was voor de grote snoeken te imiteren. En met dit staartmateriaal was zelfs zo`n grote streamer nog eenvoudig te werpen, zeker als het achterin ingebonden is. Dat was waarschijnlijk meer de motivatie voor deze Scandinavische constructie uit minstens 1996. Niet de motivatie van Hans bijna 30 jaar later, die was om het onthaken gemakkelijker en vriendelijker voor snoek en visser te laten verlopen. En volgens mij waren wij beiden in 1996 misschien net aan het vliegvissen maar was het streamervissen toen voor ons totaal nog niet aan de orde.
Quatro
Ik gaf het al eerder aan, ik heb het wel over baars en snoekstreamers maar er hangt nu eenmaal geen bordje aan de streamer “ verboden voor snoek” of voor baars. Natuurlijk pakt ook in het Noord- Hollands kanaal of het Alkmaardermeer wel eens een snoek mijn kleine baarsstreamer. Soms verspeel ik die dan door lijnbreuk op de vele snoekentandjes. Ik vis weerhaakloos, dus de snoek zal de streamer snel kwijt zijn. Aan de andere kant is mijn ervaring dat die kleine streamers juist bij de wat grotere snoek toch ook vaak voorin de bek zitten zodat de vis toch geland kan worden.
Daarentegen vang ik ook regelmatig kleine baars van rond de 15 cm, juist op de wat grotere snoekstreamers. Maar in de meeste gevallen is de combinatie van jaargetijde (herfst en winter) en type water (polder, water in nieuwbouwwijken) ervoor verantwoordelijk dat in die periode hoofdzakelijk snoek aan de streamer gaat hangen. Ik vis dan ook met een iets strakkere # 4 en grotere streamers. Echter niet groter dan 10 cm en die lengte dan nog alleen met flashabou, niet met bont of craftfur. Zoals ik eerder al schreef, het moet geen werken worden.
Cinco
Het is heel veel tekst geworden. Zelf ben ik uiteindelijk na al dat priegelen met verschillende materialen wel iets wijzer geworden. Na vele jaren heel veel streamers binden heb ik wel weer wat geleerd, met name wat betreft kunststof materiaal maar ook wat betreft het gebruik van marabou bij kleinere streamers. Zo in de tweede helft van mei gaat het bij mij altijd wel kriebelen met aan de ene kant het verbod op kunstvliegen groter dan 2,49 cm en aan de andere kant het steeds mooiere weer en de baarsstekken bij mij in de buurt. Grote streamers mag nog niet maar voor ministreamers kleiner dan 2,5 cm is dan marabou uitstekend geschikt, ik heb alweer het een ander gebonden..
Uiteindelijk is dus toch voor mij van toepassing “het begin van de cirkel is gelijk aan het eind maar niet helemaal”. Ik hoop dat de clubleden er minimaal ook zoveel aan hebben bij het maken van hun baars en snoekstreamers, liefst nog wat meer.


