De ideale vliegendoos collectie...
In de bladen zie ik vaak foto’s van grote vliegendozen met heel veel identieke vliegen, honderden buzzers bijvoorbeeld. Het nut om daarmee in het water te stappen ontgaat mij volkomen; voor een dagdeel vissen volstaan 3 vliegen per type. Ik heb wel eens gehoord van one-fly vliegvissers, hoewel ik er nog nooit een ontmoet heb in levenden lijve. Zou ik een vlieg moeten kiezen dan zou het een Snowflake Dun worden, denk ik. Heb je maar één klein doosje nodig ;-). One-fly lijkt me een onnodige zelfopgelegde beperking van je vangstkansen vanuit een bekrompen visie op vliegvissen. Zie ook de discussies van een eeuw geleden in Engeland over “dry fly” versus “nymph” (Halford versus Skues), waarbij bijna religieuze stellingen werden betrokken en met veel vuur verdedigd, zelfs leidend tot vijandschap bij voormalige visvrienden. Maar ik zie eigenlijk alleen maar vissers die altijd veel te veel meesjouwen in zowel hun vest, als in vele tassen in de auto. En nog een reisbindset mee om ook ter plekke die ene wel vangende vlieg te kunnen bouwen, al dan niet langs de rivier of ’s avonds bij een whisky’tje (of twee). Dan moet ik vaak denken aan het bekende spreekwoord: “It’s not the fly, but the driver”!
In de eerste jaren gebruikte ik hardplastic dozen met vakjes, soms doorzichtig, soms donkergroen, wat een handige kleur is als je hem ergens laat liggen in het gras, moeilijk terug te vinden, dus gouden handel voor de winkeliers.

Nadeel was dat alle vliegen door elkaar lagen en het moeilijk was om het gewenste exemplaar bijv. qua grootte of kleur er uit te pakken. Ook een plotselinge windvlaag kon vrij gevaarlijk zijn, je ziet dan wel hoe goed je vliegen kunnen vliegen. Het gewicht was ook behoorlijk bij sommige exemplaren.
Na enkele jaren verschenen er foam dozen, deze waren zeer licht en sloten met vier kleine magneetjes. Je stak de vliegen naar voren in het grijze foam, dat daardoor natuurlijk beschadigd wordt op termijn. Je vliegvisvest wordt er wel aanmerkelijk lichter van. Maar de capaciteit is vrij beperkt. En je moest ze soms vervangen door slijtage.

Vervolgens innoveerde men door hardplastic dozen met zogenaamde slits op de markt te brengen. Hierbij gaat de haak van de vlieg naar achteren in een gleufje in ook een soort donker foam. Geen beschadigingen meer en de grip is stevig. Er zijn zelfs dozen met een tussenflap, waardoor je vier tableaus kunt laden met wel 400-500 vliegen per doos. Weegt flink, vooral met nimfen. Later kwamen er ook lichte foam dozen met slits, die beschadigen en slijten nauwelijks, omdat je de haak er achteruit insteekt.
Met iedere nieuwe uitvinding ging ik mee, vanuit een soort gevoel dat het beter kon dan tot nu toe. En elke winter zat ik dan ook honderden vliegen over te pakken naar een andere doos. Overigens best een aardig karwei, maar ook een beetje te veel ZEN.
Op een gegeven moment kwam ik, kijkend bij andere leden van de Poldervlieg, op het idee om zo weinig mogelijk vliegen mee te nemen in de rivier en dan iedere pauze mijn doosjes aan te vullen vanuit grote voorraaddozen, die ik bij bouwmarkten aanschafte. Maar dan heb je weer een grote sporttas nodig om al die reservedozen mee te nemen en de discipline om twee tot drie keer per dag alle dozen na te kijken aan te vullen. Welke vlieg zit waar? Ga je een dag ergens vissen ver van je auto, zoals bijv. een keer op de Krimmler Ache, dan moet je alles voor een dag meenemen, even terug kan niet. Bovendien: veel vliegen komen nooit aan bod, alleen je favorieten heb je bij je. Terwijl een verrassing soms wonderen kan doen “als ze niet willen bijten”. Het blijft wikken en wegen dus.
Ik heb nu al jaren een vliegvisvest van Vision met veel zakken (het valt me op dat nieuwere vesten simpeler zijn, met minder ruimte), een klein heuptasje, dat standaard in de auto ligt (met daarin twee vliegendozen met favorieten, in de auto ook een telescopisch vliegenhengeltje voor het geval dat….) en een chestpack met een grote doos mixed flies (voor zeer warm weer). Op dit moment zitten in mijn standaard vliegvisvest voor wadend vissen vier foam dozen met slits: een met droge vliegen, een natte vliegen, een met nimfen en een met varia. Zorgvuldig kiezen van je favoriete vliegen (noot: zie onder) is wel een must. Maar ik denk dat iedere vliegvisser 95% van de tijd vist met een paar favorieten en pas als niks lukt eens verder in zijn doos gaat kijken.
Parallel aan iedere foam doos staat als reserve in de auto een hardplastic doos met slits en een grotere voorraad identieke vliegen, vaak op gelijke wijze geordend. In de lunchpauze vul ik dan op eenvoudige wijze -indien nodig- de lichte dozen in het vest aan voor de verloren of beschadigde vliegen, ’s avonds hetzelfde ritueel.
Voor het vissen in forelputten als Baggelhuizen, Oostvoornse Meer, Ronde Bleek heb ik aparte dozen gemaakt, die dan in een rugzakje meegaan bij kantvissen of in de bellyboattasjes. Naast specifieke putvissen als streamers, mopflies en snakes zit hier ook een selectie nimfen, wet flies en droge vliegen in. Dat voorkomt dat ik dan toch weer allerlei extra dozen meesleep. En het is een goede aanleiding om van alle typen vliegen er veel te binden, wat ook tot onze hobby behoort, toch?

Om wat overzicht te kunnen houden heb ik een multomap aangelegd met een overzicht van de vliegendozen en ruwe schetsen van de vliegen die hierin zitten. De nummering van de dozen is fantastisch, door alle wijzigingen in 35 jaar, en loopt van D1 A (droge vliegen) tot N 20 (nimfen), waarbij nogal wat tussenliggende nummers ontbreken door de veranderingen. Dat lijkt een beetje op het leger, waar vaak ook sprake is van de 323e pantserdivisie (maar dat is om de vijand in verwarring te brengen, denk ik, terwijl ik -zonder schrift- alleen mezelf in verwarring breng). Ook fotografeer ik de vliegendozen, na elke wijziging en leg dat vast in de computer met lijsten. Bij de Poldervlieg sta ik dan ook bekend als “lijstjesman”. Standaardantwoord: “Maar ik vergeet niks, mensen!”
• Favorieten Droog: Snowflakedun, Jassid, Klinkhamer, Peute, Red Tag, Ballonkopsedge.
• Favorieten Nimf: Gogonimf, Red Tag, Vlokreeft, Mighty Erik.
• Favorieten Wet: Spiders, Professor, Alexandra, Black Pennell, Peter Ross.
Er staan behoorlijk veel volle en lege vliegendozen op zolder, ondanks regelmatig afstoten van dozen op de clubveilingen. En misschien heb ik sommige dozen volgend jaar weer nodig, bij voortschrijdend inzicht. Het blijft dus nog zoeken naar de ideale oplossing, misschien dat een volgende innovatie helpt?! Tot die tijd blijft het waarschijnlijk zo als op de laatste foto, vanuit een soort angst dat die ene wel vangende vlieg wel eens zou kunnen ontbreken bij gewijzigd beleid.
Jan S.


